De theorie
Het evenement was een groot succes en nog drukker bezocht dan verwacht. Met meer dan een volle zaal, volop energie en een duidelijke gezamenlijke drive: dit onderwerp leeft enorm. Het was inspirerend om te zien hoeveel mensen zich hard willen maken voor het vergroenen en klimaat adaptief maken van bedrijventerreinen.
De aftrap werd verzorgd door Waterpanel Noord en PVB Limburg. Waterpanel Noord zet zich in voor water- en klimaatvraagstukken in Noord- en Midden-Limburg en ondersteunt de waterpartners om slimmer en beter voorbereid te zijn op de gevolgen van klimaatverandering. PVB Limburg ondersteunt ondernemers, parkmanagement en gemeenten bij het verduurzamen van bedrijventerreinen en het versnellen van concrete stappen in de praktijk, onder andere door de organisatiegraad op bedrijventerreinen te verhogen.
Renée Boesten (LIOF) maakte meteen duidelijk waarom vergroenen en het klimaat adaptief maken van bedrijventerreinen geen “extra” is, maar een noodzaak: "We hebben te maken met wateroverlast, droogte, hittestress en zelfs waterschaarste. Dit aanpakken biedt enorme kansen: een aantrekkelijker vestigingsklimaat, betere luchtkwaliteit, minder geluid én waardevaster vastgoed. Nederland telt zo’n 38.000 bedrijventerreinen, samen goed voor meer dan 98.000 hectare. En dan komt het confronterende deel… gemiddeld is slechts 1% van die terreinen groen."
Kortom: er is veel winst te behalen én veel te doen. De belangrijkste conclusie? Dit kun je niet alleen. Overheden en bedrijven moeten dit samen oppakken, want als één partij blijft wachten op de ander, gebeurt er uiteindelijk niets.
Daarna nam Lusanne Smink (Waterpanel Noord) ons mee in de Klimaateffectatlas en de monitorkaart stresstesten, waarmee zichtbaar werd waar op bedrijventerreinen de grootste klimaatrisico’s én kansen liggen.
En precies dát werd daarna op een leuke manier voelbaar in het EcoSpel. Deelnemers namen rollen aan (zoals ondernemer, multinational, parkmanagement, waterschap en gemeente) en moesten samen oplossingen bedenken voor hittestress en waterproblemen op een fictief bedrijventerrein. Wat er gebeurde was mooi om te zien: mensen gingen écht in gesprek, leerden elkaars belangen begrijpen en merkten hoe ingewikkeld, maar ook hoe kansrijk, samenwerking is. De groepen kwamen tot verrassend vergelijkbare inzichten: er is een kartrekker nodig, geld en capaciteit is vaak een bottleneck, kennis ontbreekt regelmatig bij ondernemers en vergroening wordt nog te vaak gezien als “iets extra’s”. Tegelijk kwam ook sterk naar voren dat het niet gaat om groen óf water, maar om groen én water. En misschien wel de meest waardevolle eye-opener: gezondheid werd door velen gemist als reden , terwijl juist dat een enorme kans biedt en nieuwe partijen kan betrekken, zoals verzekeraars.
De praktijk
Na het spel nam Mark van Mast, parkmanager in Oost-Nederland, ons mee in de praktijk. Zijn verhaal was eerlijk, concreet en herkenbaar. Hij benadrukte hoe belangrijk draagvlak is, maar vooral ook hoe cruciaal een gezamenlijke koers is. Zijn boodschap: een integrale visie is het startpunt, en daar kun je altijd op terugvallen als het ingewikkeld wordt.
Daarna zette Noï Boesten de zaal even op scherp met een simpele maar rake vraag: “Voor wie doen we dit eigenlijk? Ik hoor veel over bedrijven, maar de werknemer hoor ik bijna niet.” Hij vertelde over een traject waarbij een bedrijf stap voor stap een groene plek creëerden voor medewerkers om te lunchen en te overleggen. Wat begon met sceptische reacties, eindigde met medewerkers die zélf kartrekkers werden. Zijn boodschap was super praktisch én motiverend: begin klein. Plant een boom. Maak het zichtbaar. Laat mensen ervaren wat vergroening doet. En ook mooi eerlijk: “Als we vooraf hadden geweten wat het allemaal zou vragen, waren we misschien niet begonnen.” Maar ze zijn wél begonnen en dat maakte het verschil.
Tot slot daagde Lara Klaasen (OML) ons uit om niet alleen te dromen, maar ook na te denken over de uitvoering. Want iedereen wil vergroenen, maar hoe financieren we dat slim? Ze liet zien welke mogelijkheden er zijn als je publieke en private middelen bundelt, en hoe programma’s zoals regiodeals en herstructurering een rol kunnen spelen. Manon Schouten van Interpolis sloot hier mooi op aan met een praktijkvoorbeeld: door goed te luisteren naar ondernemers bleek geld vaak het grootste obstakel, en een voucher-aanpak hielp om écht in beweging te komen.
Nog een waardevolle tip van Wouter Schik, vlak voor het einde: wie direct aan de slag wil, kan veel praktische inspiratie en handvatten vinden via de pagina over groenblauwe bedrijventerreinen en het platform Collectief Natuurinclusief voor bedrijventerreinen.
We sloten de ochtend af met een conclusie die eigenlijk iedereen herkende: we moeten dit samen doen, we hebben iedereen nodig, maar we hoeven het niet meteen perfect te organiseren. Begin klein. Maak het concreet. Ga het gesprek aan. Laat iemand het voortouw nemen en plant die eerste boom. Bouw van daaruit verder.
We kijken terug op een inspirerende en motiverende dag, vol energie en nieuwe verbindingen. En eerlijk is eerlijk: deze geslaagde ochtend smaakt naar meer. To be continued…